Standpunten
Furia

Furia

31 januari 2023 om 14u45

Red onze kinderopvang: eisenpakket

Feministische eisen

Tijdens de nationale betoging van de non-profitsector op 31 januari zetten de Vrouwenraad, Rebelle, Furia, Femma Wereldvrouwen en ZIJkant als feministische organisaties stevig mee hun schouders onder initiatieven om de kinderopvang te herwaarderen en te pleiten voor werkbaar werk en een graduele daling van de kindratio.

Als de kinderopvang stopt, stopt het land met draaien. Zonder kwaliteitsvolle kinderopvang zijn het vooral vrouwen die terug naar de haard gekatapulteerd worden. Daarom is het essentieel de arbeidsvoorwaarden in de kinderopvang te verbeteren. Op deze manier beschermen we de mensen die er al werken en kunnen we het beroep aantrekkelijker maken voor nieuwe mensen. Wachten tot het verkiezingsjaar 2024 is geen optie, nú handelen is de boodschap.

1. Hup naar 5

De werkdruk in de kinderopvang ligt te hoog. In plaats van vast te blijven hangen in een kip-of-eiverhaal kan er samen met werknemers uit de kinderopvangsector een stappenplan uitgetekend worden voor een graduele daling naar een ratio van maximum 5 kinderen per begeleider en maximum 4 kinderen als het de allerjongsten zijn en de begeleiders er alleen voor staan. Dit geeft kinderverzorgers en jonge ouders een perspectief, maakt de job aantrekkelijker voor sollicitanten (zowel pas-afgestudeerden, voormalige kindbegeleiders als zij-instromers) en zorgt ervoor dat baby’s en peuters (= onze toekomstige politici, leerkrachten en zorgverleners) in de eerste 1000 dagen de nodige individuele aandacht krijgen die ze verdienen.

Het verlagen van de kindratio kan niet losgekoppeld worden van de verbetering en gelijktrekking van de statuten van kindbegeleiders. Indien de kindratio daalt, moet een crèche nog voldoende werkingsmiddelen hebben om op een toegankelijke en kwaliteitsvolle manier kinderen op te vangen. 

Hierbij kan er een overgangs- of gedoogperiode voorzien worden waarbij sommige opvanginitiatieven wel nog zoveel kinderen kunnen opvangen als nodig is voor hun werking. Tegelijkertijd kunnen er pilootprojecten opgestart worden met kinderdagverblijven die nú de ratio al naar beneden willen. Enkel door dit uit te testen, kunnen we analyseren of dit een oplossing is om meer mensen aan of terug te trekken naar de sector.

2. Een eerlijk loon voor essentiële zorgarbeid

In de Septemberverklaring ijvert de Vlaamse regering voor de gelijktrekking van de statuten binnen de kinderopvangsector. Dit is een belangrijke stap, maar niet voldoende. Of je nu aan de slag bent in de kinderopvang met subsidiestatuut ‘trap’ 1, 2 of 3, als je werkt binnen een sector met een van de laagste lonen in België wordt je werk niet naar waarde geschat. Een beter loon moet ook hand in hand gaan met betere werkomstandigheden en een lagere kind-begeleiderratio.

Voorzie voor werknemers in de kinderopvangsector, eerlijke lonen, correcte (werknemers)statuten en gelijke arbeidsvoorwaarden voor de essentiële zorgarbeid die ze verrichten.

Hervorm en versterk de opleiding (zowel secundair als in het hoger onderwijs) en zorg voor loopbaankansen voor kindbegeleiders en onthaalouders. Geef ze meer kindvrije uren en pedagogische en logistieke ondersteuning.

3. Collectieve kinderopvang geeft vrouwen autonomie

De strijd voor de herwaardering van de kinderopvang loopt parallel met de strijd van vrouwen voor meer autonomie. Zowel in de kinderopvang als thuis blijft zorgarbeid on(der)betaald. Als de kinderopvang stopt, stopt België met draaien. In ons land werkt maar liefst 42% van de vrouwen deeltijds, tegenover 12% van de mannen. Als belangrijkste reden voor hun deeltijds werk, verwijzen de meeste vrouwen naar de zorg voor kinderen of andere afhankelijke personen.

Een toegankelijke, betaalbare en kwalitatieve kinderopvang is essentieel in de vrije keuze van vrouwen om zich te richten op hun loopbaan of zorg en als schakel in het netwerk van alleenstaande ouders. We verzetten ons tegen de commercialisering van de kinderopvang, een logica waarbij kinderopvang enkel als winstgevende activiteit wordt gezien die andere schakels van een economie doet draaien. Het is de publieke verantwoordelijkheid van onze overheid om een kwalitatieve kinderopvang te voorzien die de volledige samenleving ten goede komt. 

4. Mannen die zorgen zijn baanbrekers

Slechts 2,4% van de werknemers in de kinderopvang is man. Door betere arbeidsomstandigheden te voorzien wordt de job ook voor mannen aantrekkelijker. Ontwikkel daarnaast ook specifieke acties die stereotypen doorbreken over mannen die zorgen en die inzetten op recrutering van mannen naar de kinderzorgsector.

5. Veranker het recht op collectieve kinderopvang

Zorg dat kwalitatieve kinderopvang een afdwingbaar recht wordt voor elk gezin. Laat hen niet wachten tot ze 2,5 jaar zijn en recht hebben op een plek in de kleuterschool. Zeker voor kansarme gezinnen kan het recht op kinderopvang als basisvoorziening een bijdrage leveren aan het bestrijden van ongelijkheid. Kinderen uit gezinnen met de laagste inkomens in Vlaanderen maken maar half zo vaak gebruik van kinderopvang als die uit de rijkste gezinnen. 

Zowel het Europees Parlement als de Commissie erkent het belang van kinderopvang als basisvoorziening voor álle kinderen. In bv. Zweden en Finland is kinderopvang een basisvoorziening, een afdwingbaar recht. Dit betekent dat elk kind tussen de 1 en 5 jaar binnen de vier maanden na aanvraag een plek moet hebben. Is die plek er niet, dan kan de lokale overheid hiervoor vervolgd worden. 

6. Laten we positieve verhalen delen

Mensen die in de kinderopvang werken willen de best mogelijke basis meegeven voor het verdere leven van kinderen en hen helpen ontwikkelen. Ze zijn het aanspreekpunt voor ouders die met opvoedkundige vragen zitten en brengen hen in contact met andere ouders zodat ze hun netwerk verbreden en ervaringen kunnen delen

Het is dringend tijd om in de nieuwsberichten over de crisis in de kinderopvang ook te focussen op de positieve ervaringen van werknemers en hun pedagogische kennis en aanpak in de schijnwerpers te plaatsen. Zeker positieve ervaringen van mannelijke kindbegeleiders vormen een kans om het genderstereotiep denken over zorg te doorbreken en iedereen de kans te geven om te zorgen ongeacht diens gender.

De moeilijkheden in de kinderopvang zijn structureel van aard en liggen niet bij de werknemers zelf. Een lagere kindratio per begeleider geeft kinderverzorgers ademruimte en motivatie om de job te blijven doen waarvoor ze zich inzetten. Het biedt hen de ruimte om niet enkel basiszorg aan de kinderen te geven, maar hen effectief te ondersteunen in hun ontwikkeling. Dit maakt het voor hen aantrekkelijker om de job te blijven uitvoeren, gemotiveerd te blijven en anderen aan te sporen om zelf kindbegeleider te worden. 

Actie 31 januari

Op dinsdag 31 januari betoogden de non-profit sectoren in Brussel. Ook wij waren van de partij met bovenstaande dringende eisen. Steun vandaag nog de actie door onderstaande pamflet van Crisiskabinet Kinderopvang te downloaden, printen en op te hangen aan je raam.

 

Dit eisenpakket werd opgesteld door: 

Vrouwenraad

Rebelle

ZIJkant

Furia

Femma Wereldvrouwen

Vanaf woensdag 18 januari zit Furia samen met andere feministische organisaties zoals de Vrouwenraad, ZIJkant, Femma en Rebelle mee op de banken van het Vlaams Parlement. Waarom? Als de kinderopvang stopt, stopt het land met draaien. De kinderopvang is een collectief probleem. Samen met de ouders en kindjes van het Crisiskabinet Kinderopvang pleiten we voor:

  • De verlaging van de kindratio naar 5 kinderen per opvoeder
  • Een herwaardering van de sector
  • De versterking van de opleiding en loopbaankansen voor kindverzorgers
  • Meer kindvrije uren
  • Meer logistieke ondersteuning

 

Kinderopvang is niet alleen voor jonge gezinnen onmisbaar

Britt Stuckens, Heleen Struyven en Noëmi Willemen schreven op 21 september in De Standaard namens Crisiskabinet Kinderopvang onderstaand opiniestuk. Furia vzw ondertekende mee! 

Een groep ouders, academici, werkgevers en organisaties maakt zich ernstig zorgen over de kinderopvang. Investeringen­ zijn broodnodig en urgent.

De malaise in de kinderopvang is tot het kookpunt gestegen. Kinderbegeleiders geven­ aan dat ze amper de basiszorg­taken kunnen uitvoeren. Voor hun cruciale pedagogische taak is er amper marge of energie. De werkomstandigheden zijn op veel plekken zo precair geworden dat steeds meer mensen uitvallen of opgeven. Leidinggevenden moeten elke dag puzzelen, capaciteit terug­schroeven of zelfs definitief sluiten. Vaker en vaker krijgen ouders te horen dat hun peuter een dag niet kan komen of dat hun baby­ volgend jaar geen plaats zal hebben.

Vlaanderen is een van de regio’s die het vroegst en het intensiefst gebruikmaken van crèches en onthaalouders. Toch wordt hier per kind beduidend minder geïnvesteerd dan elders. Jarenlang werd geprobeerd het aloude tekort aan plaatsen op de goedkoopst mogelijke manier op te lossen. De meeste afgestudeerde­ kinderbegeleiders starten niet in de crèche en de lijst met openstaande vacatures­ blijft dagelijks aantikken. Kan dat verbazen? Hoe bouw je aan je leven als je soms amper 1.500 euro bruto per maand krijgt? Hoe kun je de job doen waarvoor je studeerde en met hart en ziel voor koos, als je voor negen kinderen tegelijk moet zorgen?

Druppels op een hete plaat

De problemen in de kinderopvang domineerden dit jaar de media. In de onderzoeks- en parlementaire commissie lijstten werknemers, leidinggevenden, experts en ouders structurele problemen op. De radiostilte sindsdien is verontrustend. De Vlaamse regering investeert 1,7 miljoen euro in een nieuw online meldingssysteem, maar prioritaire aandacht voor wat mensen op de vloer echt nodig hebben, blijft uit. In de voorbije week gingen ballonnetjes op om de kindnorm te verlagen bij de baby’s en in te zetten op zij-instromers. Zonder stevige investeringen en ambitieuze maatregelen zijn dat druppels op een hete plaat.

Kwalitatieve kinderopvang is onmisbaar voor baby’s in de eerste 1.000 dagen. In plaats van concrete voorstellen uit te werken die ook leidinggevenden ondersteunen, schrijft Kind & Gezin een kader uit voor ouders die zelf een noodcrèche willen opstarten. Weinig ouders zijn de lockdown vergeten en de onmogelijke combinatie van betaald­ werk en preteaching. Is het de bedoeling om onze gedeelde maatschappelijke verantwoordelijkheid voor de kleinsten zodanig te privatiseren dat ze weer in moeders schoot belanden?

Toegankelijke kinder­opvang is onmisbaar als we vrouwen niet opnieuw aan de haard willen

Toegankelijke kinderopvang is onmisbaar als we vrouwen niet opnieuw aan de haard willen. Onderzoek toont keer op keer dat als externe hulp wegvalt, het vooral moeders zijn die de lasten dragen, loopbaankansen en financiële­ zekerheid verliezen. Ook in gezinnen waar de zorg gelijk verdeeld wordt, is ouderschapsverlof opnemen tegen een fractie van je loon onder dit economisch gesternte voor velen uit den boze. Crèches en onthaalouders zijn cruciale schakels in het vangnet voor alleenstaande ouders en de pijlsnel groeiende groep van gezinnen in armoede.

Kinderopvang is niet alleen voor jonge gezinnen onmisbaar. Elk bedrijf, elke zelfstandige, elke organisatie, alle werkgevers die een beroep doen op de werkkracht van jonge ouders leunen op de arbeid van kinderbegeleiders. Die hebben een van de essentieelste jobs: ze maken elke dag opnieuw al het andere werk en daarmee ook onze welvaart en toekomst mogelijk.

Als ouders, academici, feministen, werkgevers, syndicalisten en burgers maken we ons ernstig zorgen. De problemen in de sector zijn structureel, evenredige investeringen dulden geen uitstel meer. Waar blijft de sense of urgency bij de Vlaamse regering?

Zet het gevraagde marshallplan in de steigers in samenspraak met de sector. Trek de inves­tering per kind op. Verhoog de lonen en verbeter de arbeidsvoorwaarden van medewerkers en leidinggevenden. Omkader zij-instromers beter. Verbeter de opleiding en doorgroeimogelijkheden. Red onze kinderopvang. Nu.

Ondertekend door:

Gezinsbond,
Vrouwenraad,
Femma vzw,
Rebelle vzw,
Furia vzw,
Zijkant,
Solidaris,
Wendy Nicol, namens GenderNet,
Sophia, Belgisch Netwerk voor Genderstudies,
Ciska Hoet, directeur RoSavzw en freelance cultuurjournalist,
Bieke Purnelle, directeur RoSavzw en columnist

Vlaams ABVV,
Johan Van Eeghem, namens BBTK Social-Profit,
Estelle Ceulemans, namens ABVV Brussel,
ACOD Onderwijs Regio Brussel,
ACOD LRB Brussel,
ABVV KU Leuven,
UGent Vrouwenstaking

Michel Vandenbroeck Hoofddocent Gezinspedagogiek UGent,
Jochen Devlieghere, postdoctoraal onderzoeker Gezinspedagogiek UGent,
Ignace Glorieux, professor Sociologie, VUB,
Stefan Ramaekers, Professor Pedagogische Wetenschappen, KU Leuven,
Dirk Jacobs, socioloog, ULB,
Esli Struys, professor meertaligheid, VUB,
Maarten Loopmans, professor geografie, KU Leuven,
Kaat Wils, historica, KU Leuven,
Katrien De Graeve, professor Onderzoekscentrum voor Cultuur en Gender UGent,
Pascal Debruyne, docent en onderzoeker gezinswetenschappen Odisee,
Siggie Vertommen, Vakgroep Conflict en Ontwikkelingsstudies, UGent,
Eline Huygens, Onderzoekscentrum voor Cultuur en Gender, UGent,
Carine Plancke, Onderzoekscentrum voor Cultuur en Gender, UGent,
An Van Raemdonck, postdoctoraal onderzoeker, Gender & Diversiteit, UGent,
Kaat Van Acker, docent Odisee hogeschool en KU Leuven,
Els Consegrua, professor educatieve masteropleidingen VUB,
Eva Dierickx, Lerarenopleidster en praktijkonderzoekster Educatieve bacheloropleiding voor kleuteronderwijs

Steven Gielis, auteur en opvoedingsexpert,
Nina Mouton, auteur en psycholoog

Sophie Claes, zaakvoerder De Gele Flamingo

Lynn Geerinck, i-mens, auteur en pedagoge,
Gunter Cannoot, Stagebegeleider kinderzorg,
Anne Dedry, afgevaardigd bestuurder De Bakermat vzw

Elisabeth Lucie Baeten, schrijver en scenarist,
Linde Merckpoel, tv-maker,
An Lemmens, tv-maker,
Maarten Vancoillie, presentator Q-music,
Thomas Vanderveken, tv-maker,
Hannelore Bedert, muzikante en auteur,
Dalilla Hermans, schrijver en scenarist,
Chrostin, cartoonist,
Eva Mouton, illustrator,
Heleen De Bruyne, schrijver,
Jozefien Daelemans, journalist,
Anaïs Van Ertvelde, historica en schrijver,
Hanne Luyten, auteur,
Senne Misplon

In de nieuwe gesprekkenreeks Je moeder?! gaan deBuren en Furia op zoek naar wat het betekent om een ouder te zijn in een neoliberale wereld in tijden van klimaatcrisis, discriminatie, polarisering en politieke instabiliteit. Zonder de rijkdom en veelkleurigheid van het ouderschap en het moederen uit het oog te verliezen, schromen we niet om stil te staan waar het schuurt.

In deze aflevering gaan we het hebben over de hardnekkigheid van de traditionele en ongelijke verdeling van zorgtaken tussen moeders en vaders bij heteroseksuele koppels.

Di 9 mei

19u30 - 21u

deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

Tickets

Bij heteroseksuele koppels met kinderen besteden vrouwen gemiddeld 4,5 uur per dag aan zorgtaken, terwijl dit voor mannen gemiddeld 2,5 uur bedraagt. De zorg voor kinderen is één van de belangrijkste redenen voor Nederlandse vrouwen om deeltijds te gaan werken. In Vlaanderen daarentegen werken vrouwen evenveel buitenshuis als mannen. Ook al klinkt het voor veel stellen als de normaalste zaak van de wereld om de opvoeding van de kinderen en het huishouden te verdelen, slechts de helft van de stellen wil een gelijke verdeling van betaald werk en onbetaalde zorg. En van de stellen die het wel willen, lukt het maar een kwart om dit ook echt te realiseren.

Waarom lukt het niet om alles eerlijk te verdelen? Hoe dichten we deze zorgkloof en hoe kan er meer ruimte gecreëerd worden voor ouders om te zorgen? Een gesprek met o.a. Anja Meulenbelt (Alle moeders werken al).

De namen van de rest van het panel worden later bekendgemaakt.

Herbekijk en ontdek de andere afleveringen

Aflevering 1 Worstelen met ouderschap

Aflevering 2 Wij alleen

Aflevering 3 Crisis in de kinderopvang Di 28 febr. om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

In de nieuwe gesprekkenreeks Je moeder?! gaan deBuren en Furia op zoek naar wat het betekent om een ouder te zijn in een neoliberale wereld in tijden van klimaatcrisis, discriminatie, polarisering en politieke instabiliteit. Zonder de rijkdom en veelkleurigheid van het ouderschap en het moederen uit het oog te verliezen, schromen we niet om stil te staan waar het schuurt.

Di 28 febr.

19u30 - 21u

deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

Tickets

In de derde aflevering gaan we over op de crisis in de kinderopvang. Personeelstekort, lange wachtlijsten, crèches die noodgedwongen moeten sluiten: de kinderopvang in de Lage Landen kraakt. In Nederland zijn de kosten voor kinderopvang hoog en om ouders met een lager inkomen tegemoet te komen kan er kinderopvangtoeslag worden aangevraagd bij de belastingdienst. Maar de toeslagenaffaire heeft aangetoond dat dit systeem onhoudbaar is en het heeft de plannen voor een vrijwel gratis kinderopvang in een stroomversnelling gebracht. Vanaf 2025 wil het kabinet de kinderopvang in Nederland voor werkende ouders voor 96 procent vergoeden. Maar over de haalbaarheid hiervan wordt nu volop gediscussieerd.

In Vlaanderen ligt de situatie iets anders. De kosten van de opvang voor ouders liggen lager dan in Nederland, maar net als in Nederland zijn de wachtlijsten hoog en is er sprake van een groot personeelstekort. Daarnaast wordt het steeds duidelijker dat de Vlaamse norm van 9 kinderen per verzorger echt te veel is. Het aantal kinderopvanglocaties dat moet sluiten neemt toe en er zijn steeds meer (werkende) ouders die de opvang van hun kinderen zelf moeten regelen.

Historica Noëmi Willemen doet onderzoek naar moederen in de twintigste eeuw en trapt het programma af met een gesproken column. Daarna gaat Kelia Kaniki Masengo in gesprek met experts over de situatie in Vlaanderen en Nederland en gaan ze op zoek naar mogelijke (en haalbare) oplossingen.

Met onder anderen hoofddocent gezinspedagogiek Michel Vandenbroeck (Negen is te veel) en Anne Lambrechts (coördinator van kinderopvang Elmer in Brussel).

Herbekijk en ontdek de andere afleveringen

Aflevering 1 Worstelen met ouderschap

Aflevering 2 Wij alleen

Aflevering 4 Eerlijk zullen we alles verdelen Di 9 mei om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

 

17 januari 2023 om 14u58

Je moeder?! | Afl. 2 Wij alleen

In de nieuwe gesprekkenreeks Je moeder?! gaan deBuren en Furia op zoek naar wat het betekent om een ouder te zijn in een neoliberale wereld in tijden van klimaatcrisis, discriminatie, polarisering en politieke instabiliteit. Zonder de rijkdom en veelkleurigheid van het ouderschap en het moederen uit het oog te verliezen, schromen we niet om stil te staan waar het schuurt. In de eerste aflevering, die te zien was op de 51ste Nationale Vrouwendag, hadden we het over het worstelen met ouderschap. De tweede aflevering Wij Alleen gaat over alleenstaande ouders en was onderdeel van het Festival Van De Gelijkheid. Op deze pagina kan je die aflevering voor een deel opnieuw beluisteren!

Alleenstaand ouderschap. Soms een bewuste keuze, soms niet. In Vlaanderen is één op de vijf gezinnen een éénoudergezin, in Nederland is dat één op de vier. In zowel Vlaanderen als Nederland gaat het in 80 procent van de eenoudergezinnen over alleenstaande moeders. In Vlaanderen leeft 40 procent van de eenoudergezinnen op of onder de armoedegrens, in Nederland is dat zelfs een schrikbarende 80 procent. Historica Noëmi Willemen doet onderzoek naar moederen in de twintigste eeuw en trapt het programma af met een gesproken column. Vervolgens presenteert Furia een inleefspel over alleenstaand ouderschap. Daarna gaat Bieke Purnelle (co-directeur RoSa) in gesprek met Eva Yoo Ri Brussaard (oprichter Single SuperMom), kinderwenscoach Sara Coster en Marijke Pinoy (actrice, regisseur en docente aan het KASK Gent) over verschillende vormen van alleenstaand ouderschap, over uitdagingen, problemen, stereotypering en discriminatie, maar vooral ook over de vraag hoe we een samenleving kunnen creëren waar alleenstaande ouders willen wonen in plaats van moeten wonen.

Herbeluister via deze link. 

Blijf je graag op de hoogte van volgende afleveringen? Hou dan deze pagina in de gaten of volg ons op sociale media via de links hier rechts!

Lukt het niet om de aflevering te herbeluisteren? Laat het dan even weten met een mailtje naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Herbekijk en ontdek de andere afleveringen

Aflevering 1 Worstelen met ouderschap

Aflevering 3 Crisis in de kinderopvang Di 28 febr. om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

Aflevering 4 Eerlijk zullen we alles verdelen Di 9 mei om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

In de nieuwe gesprekkenreeks Je moeder?! gaan deBuren en Furia op zoek naar wat het betekent om een ouder te zijn in een neoliberale wereld in tijden van klimaatcrisis, discriminatie, polarisering en politieke instabiliteit. Zonder de rijkdom en veelkleurigheid van het ouderschap en het moederen uit het oog te verliezen, schromen we niet om stil te staan waar het schuurt. In de eerste aflevering, die te zien was op de 51ste Nationale Vrouwendag, hadden we het over het worstelen met ouderschap. Dat deel kan je hier opnieuw bekijken!

Historica Noëmi Willemen doet onderzoek naar moederen in de twintigste eeuw en trapt het programma af met een gesproken column. Daarna gaat Martha Claeys (schrijver en filosoof) in gesprek met Ianthe Mosselman (auteur van Al die liefde en woede), journalist en schrijver Tuly Salumu en Lut Verstappen (medewerkster Kenniscentrum Gezinswetenschappen Hogeschool Odisee).

Ze praten onder meer over de worsteling met heersende stereotypen over het ouderschap en hoe die de gelijkheid tussen man en vrouw in de weg zitten. Over de moeilijke combinatie van (betaald) werk en de (onbetaalde) zorg voor je kind. En over hoe niet alleen moeders, maar ook vaders worstelen met hun ouderrol.

Herbekijk en ontdek de andere afleveringen

Aflevering 2 Wij alleen

Aflevering 3 Crisis in de kinderopvang Di 28 febr. om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

Aflevering 4 Eerlijk zullen we alles verdelen Di 9 mei om 19u30 bij deBuren, Leopoldstraat 6, Brussel

21 november 2022 om 09u48

Een voorbeeldrol voor het GO!

Lerarenopleidingen van hogescholen roepen het brede scholenlandschap op om het wijdverspreide en in het GO! veralgemeende hoofddoekenverbod in het onderwijs te laten varen (DS 15/11). Studentes met een hoofddoek vinden steeds moeilijker een stageplaats, geven hun droom om voor de klas te staan halverwege op of beginnen zelfs niet aan de opleiding.

Mogen we dit extra pijnlijk noemen in het licht van het grote lerarentekort? Karin Heremans (GO!) sloeg daarover op 11/10 nog alarm in het radionieuws en de Ochtend - 900 mensen tekort alleen al in haar net. Over alle onderwijsverstrekkers gaat het intussen om een vijfduizendtal. Terwijl er vrouwen zijn die graag voor de klas willen staan, maar die kans niet krijgen omdat Heremans en de Raad van het GO! besloten dat er voor leerlingen en leerkrachten die een hoofddoek dragen geen ruimte is in het onderwijs. Niet iedereen met onderwijsambities - aan de slag of in opleiding - bleek plots over welkome hoofden en handen te beschikken. Hoezeer ze ook kinderen koesteren en vleugels willen geven. Hoezeer ze ook het befaamde pedagogisch project dat scholen in het vaandel dragen en mee willen uitdragen.

Het is goed om hier even te herinneren aan de SERV, die in haar advies “Diversiteit in het onderwijzend personeel" (25/8/2020) aan minister van Onderwijs Ben Weyts (COM_DIV_20200825_diversiteit binnen onderwijs_ADV.pdf (serv.be)) besturen van katholieke basisscholen opriep om de voorwaarde van een doopattest te laten vallen: het onderschrijven en respecteren van het pedagogisch project van de school moet volstaan. Ook vanwege de top van het katholiek onderwijs weerklinkt die wijze raad al sinds 2017. En het moet gezegd: de afgelopen jaren heeft een resem katholieke hogeronderwijsinstellingen inspanningen geleverd om binnen hun lerarenopleiding een speciaal traject te voorzien voor niet- of andersgelovigen. In haar advies kaart de SERV ook de meerwaarde aan van scholen die een open houding hebben ten opzichte van diversiteit en levensbeschouwing. Ons inziens is het toelaten van de hoofddoek daarin een noodzakelijk element, maar verre van het enige: er is nood aan duurzame initiatieven om leerkrachten te coachen in hun houdingen en gevoelens over diversiteit en non-discriminatie op school en in de samenleving.

De negatieve gevolgen van een hoofddoekenverbod zijn duidelijk. Ze treffen allereerst de vrouwen die een hoofddoek dragen. Maar ook de plaatsen waar zo’n verbod in voege is: het onderwijs mist zo de inbreng van een heel aantal getalenteerde en gemotiveerde vrouwen. En de brede samenleving, want de verboden perken de ruimte voor diversiteit in. Hoe absurd is het dat hogescholen, toch experts in pedagogische projecten, vrouwen met een hoofddoek opleiden voor het onderwijs, waarna die vrouwen ongeschikt worden bevonden om les te geven? Het is mentaal een grote stap voor het GO! om terug te keren op het algemene hoofddoekenverbod, maar hoe langer hoe meer is duidelijk dat dat zal moeten gebeuren. Allereerst omdat het GO! het onderwijs van de ‘gemeenschap’ is en die gemeenschap superdivers is geworden. Het GO! heeft dus de opdracht om die diversiteit te weerspiegelen, in het kader van een gedeeld pedagogisch project en gedeelde samenlevingswaarden.

Liliane Versluys,

ere-advocate
en lid van feministische Denktank en Actiegroep Furia

Op 11/11 organiseert Furia in Brussel voor de 51ste keer de ‘Nationale Vrouwendag’: dé jaarlijkse afspraak voor de vrouwenbeweging, met zowel debat en uitwisseling als herdenking en ontmoeting, maar toch vooral strijd.

Hoofdthema is de groeiende verrechtsing. Hoe met andere vrouwen en sociale bewegingen een echt ander verhaal brengen tegen aanvallen op verworvenheden als het recht op abortus, tegen de reductie van de vrouw tot baren en opvoeden, tegen geweld en femicide?

Na de feesteditie van de 50ste Vrouwendag in 2021 valt er dit jaar opnieuw een jubileum te vieren. Het is precies een halve eeuw geleden dat in 1972 de feministische denktank en actiegroep VOK werd opgericht - in 2016 omgedoopt tot Furia. Vandaag verbindt Furia de idealen van de tweede feministische golf met de huidige strijd voor maatschappelijke verandering. Dat resulteert in een continue dialoog tussen feministen van het eerste uur en jonge geëngageerde vrouwen van vandaag: een intergenerationeel gesprek dat sinds de komst van sociale media steeds uitzonderlijker is geworden.

Uitdagingen blijven er genoeg, ook voor de vrouwenbeweging. “De urgentie om ons jaarlijks te verzamelen rond de staat van vrouwenrechten is door de jaren zeker niet afgenomen”, aldus Meryem Kanmaz van Furia. “Aloude feministische thema’s als lichaam en seksualiteit, moederschap en ‘reproductieve arbeid’ of geweld tegen vrouwen blijven brandend actueel. Op heel wat plekken worden verworvenheden zoals het recht op abortus, gelijk loon voor gelijk werk of de veiligheid van vrouwen zelfs weer teruggeschroefd of bedreigd. De strijd tegen sociale ongelijkheid, seksisme of racisme is nog lang niet gestreden.”

Vrijdag is de centrale lezing in De Kriekelaar gewijd aan de impact van verrechtsing op de verworvenheden van de vrouwenbeweging en andere sociale bewegingen. Academici Nadia Fadil (KULeuven) en Sarah Bracke (Universiteit Amsterdam) zoomen vanuit hun jarenlange expertise rond postkolonialisme, globalisering en intersectionaliteit in op de sluipende invloed van rechts-populisme en de anti-gender visie van conservatieve en rechts-radicale kringen. ‘Overal steken weer pleidooien de kop op voor de vrouw aan de haard, de was en de plas, die in kinderen baren haar enige en ultieme zingeving moet vinden’, aldus Kanmaz.

Daartegenover zet de Vrouwendag bewust in op nog meer aansluiting bij andere sociale bewegingen. Het panelgesprek in de namiddag vormt alvast een eerste Persbericht 51ste Nationale Vrouwendag 11.11.22 - Brussel stap. “De strijd voor werkelijke verandering en voor een zorgzame, gelijke, rechtvaardige en duurzame wereld is te dringend om geïsoleerd te voeren.”

Zo geeft de Vrouwendag tijdens het jaarlijkse ‘strijdmoment’ stem aan de protesten van vrouwen in Iran en aan de recente acties rond de hervorming van de kinderopvang.

Daarnaast stelt Furia ook haar eigen visietekst en eisenpakket voor, met daarin onder meer een pleidooi voor een doorgedreven zorgzaam en duurzaam én inclusief beleid voor de 99% en een oproep om de krachten te bundelen tegen de uitholling van progressieve verworvenheden. In een gevuld programma met workshops en panelgesprekken is verder ook plek voor thema’s als moederschap, bondgenootschappen & solidariteit, fem-zines, stereotypen bij tieners ‘Die brede waaier maakt van onze Vrouwendag hét moment om zicht te krijgen op de vele dynamieken waar de vrouwenbeweging zich vandaag om bekommert én aan verwarmt.”

 

➔ Bekijk de rest van het programma op furiavzw.be of via de flyer in bijlage.

➔ De visietekst van deze 51ste Vrouwendag: ‘Samen strijden voor een andere wereld. Nu meer dan ooit!’ kan je downloaden op onze website.

➔ Vanaf donderdag valt op furiavzw.be verder ons eisenpakket te downloaden.

➔ Locatie GC De Kriekelaar Gallaitstraat 86, 1030 Schaarbeek, Brussel

➔ Programma & Informatie https://www.furiavzw.be/vrouwendag

➔ Perscontact Meryem Kanmaz 0476 98 06 18 Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

➔ Eisenpakket & Visietekst downloaden op www.furiavzw.be

Facebook Als event hier terug te vinden

Preventie en snel ingrijpen cruciaal bij grensoverschrijdend gedrag.

In de berichtgeving over de gebrekkige omgang met grensoverschrijdend gedrag aan de KU Leuven ging het volgens Furia veel te weinig over de nood aan preventie en aan een proactieve houding, ook bij “kleinere” incidenten. We focussen hier op de KU Leuven, maar deze boodschap is veel breder gericht, aan alle instellingen voor hoger onderwijs.

Al te vaak worden plegers van seksueel grensoverschrijdend gedrag niet tot de orde geroepen bij hun eerste feiten en stapelen de incidenten zich jarenlang op. Het is in deze niet anders: binnen de faculteit pedagogie was het wangedrag van de hoogleraar in kwestie alom bekend, en toch gedoogden zijn collega’s het. “Zo is X nu eenmaal”. “Kan je niet tegen een grapje”. We lazen het in de media, Furia kreeg het rechtstreeks te horen van iemand die met zijn ongepaste opmerkingen en voorstellen te maken kreeg. We lazen (DS, 27/10) dat de kwalijke reputatie van deze man al voor deze tragische zaak op hogere niveaus van de instelling ter sprake kwam, maar dat het bij gebrek aan formele klachten niet mogelijk was om meer te doen dan een waarschuwing geven. Alhoewel er terecht wordt gewezen op het belang van woord en wederwoord, en het respect voor het vermoeden van onschuld (Knack, 28/10), kunnen we niet om de vaststelling heen dat de werking inzake grensoverschrijdend gedrag niet volstond. Dat deze hoogleraar zo lang ongenaakbaar bleef, betekent dat jaar na jaar nieuwe studentes en medewerksters slachtoffer werden van zijn gedrag.

Volgens een commentator toont deze case hoe moeilijk het is voor instellingen om te laveren tussen de grote kwetsbaarheid van het slachtoffer en de nood aan krachtige actie tegen grensoverschrijdend gedrag (DS, 24/10). Wij zijn opgelucht dat alvast het slachtoffer tevreden is over de houding van de KU Leuven. Maar we zitten met wrange vragen over dat tweede deel. Want indien er tijdig was ingegrepen, had een jonge vrouw, in al haar pijn, geen ‘tevredenheid’ moeten uitspreken.

De eerste overheidscampagne rond seksueel grensoverschrijdend gedrag op het werk, getiteld “Sex collega, ex-collega” dateert van 1986. Dertig jaar voor de feiten die zich aan de KU Leuven voordeden. Op basis van wat we in de media lazen, sloeg die “ex-collega” de voorbije decennia aan de KU Leuven niet op de pleger, maar op meerdere slachtoffers. Dat is een onaanvaardbare situatie.

Zowat iedereen die betrokken is bij de strijd tegen ongewenst seksueel gedrag is opgeleid aan een associatie van een universiteit en meerdere hogescholen als de KU Leuven: advocaten, magistraten, preventieadviseurs, HR-personeel, therapeuten, artsen, opleiders en coaches … Hoe kan het, met al die aanwezige kennis, dat de KU Leuven niet toonaangevend is op vlak van preventie, omstaanderstraining, snel ingrijpen bij elk signaal? Want een krachtig optreden vind je niet uit wanneer wangedrag uitmondt in één van de zwaarste vormen van geweld. Die ligt in preventie, sensibilisering, opleiding, draaiboeken. In instrumenten die niet worden bovengehaald bij een incident, maar die permanent bijdragen aan een veilige en respectvolle werk- en lesomgeving. Ook wanneer er, op het eerste zicht, geen problemen zijn.

Werkpunten

We hopen dat alle instellingen hoger onderwijs werk maken van een betere aanpak van grensoverschrijdend gedrag. Dat vraagt een grote, en vooral een volgehouden inspanning. 

Mobiliseer om te beginnen de kennis en expertise die hierover bestaat, en draag bij tot nieuwe kennis en expertise. Het zou voor kennisinstituten een evidentie moeten zijn, maar we denken dat dit onvoldoende gebeurt. Kijk daarbij ook naar kritische kennis. Sarah Ahmeds boek Complaint! (2021) werd de voorbije dagen her en der getipt. Lees het en gebruik de kennis van iemand die de academische wereld verliet omwille van de gebrekkige omgang met klachten rond grensoverschrijdend gedrag. Contacteer de mensen die, in het zog van #MeToo, op eigen kracht een website met getuigenissen uit de academische wereld opzetten. Die getuigenissen gaan ook over uw instelling. Luister naar de mensen die onderzoek doen naar machtsverhoudingen, specifiek inzake gender. Docenten en onderzoekers in genderstudies bijvoorbeeld, die al te vaak worden weggelachen wanneer ze wijzen op machtsongelijkheid in de academische wereld (“Zo zijn universiteiten nu eenmaal”). Ga actief op zoek naar kennis die buiten de academische wereld is opgebouwd, bijvoorbeeld in feministische organisaties.

Schaaf aan de procedures. Als meerdere eerdere slachtoffers hun ervaringen niet durfden omzetten in een formele klacht, dan wijst dat op een structureel probleem en moet je daar als instelling mee aan de slag. Werk drempels om een formele klacht in te dienen weg. Zorg dat wie een procedure start niet, in alle ellende, ontzettend veel werk moet verzetten om die klacht op te volgen (zie Complaint!). Grijp in bij eerste meldingen. Desnoods via een omweg, door in een faculteit of onderzoeksgroep een verplicht begeleidingstraject op te zetten. Leer leidinggevenden om eerste signalen ernstig te nemen: als wat je aankaart wordt geminimaliseerd, is het heel moeilijk om voor jezelf te blijven opkomen.

Doe aan preventie. We leven in een samenleving waarin gendergerelateerd geweld een omvangrijk probleem is. De cijfers zijn er – ze zijn verzameld door universitaire onderzoekers. Universiteiten maken deel uit van die samenleving, dat geweld is er dus aanwezig. Universiteiten kunnen die samenleving helpen veranderen – dat valt, mogen we hopen, onder hun “maatschappelijke rol”. We lezen dat omstaanderstrainingen deel uitmaken van een nieuw actieplan aan de KU Leuven. Dat is goed nieuws, op voorwaarde dat om het even welk team of welke groep studenten zo’n omstaanderstraining en/of een meer intensieve begeleiding rond weerbaarheid of grensoverschrijdend kan aanvragen. Zonder dat daar een motivatie bij komt kijken. Dat zo’n trainingen ook worden gegeven waar er geen vraag naar is. En dat het niet bij een eenmalig project blijft, maar de acties over een lange periode lopen. Een proactieve houding kan een wereld van verschil maken in het bespreekbaar maken van grensoverschrijdend gedrag, in het creëren van een veilig werkklimaat, in het verkleinen van de ruimte die plegers menen te hebben, in het versterken van de mensen die dingen meemaken of zien gebeuren. Studenten en medewerkers zullen die kennis en vaardigheden meenemen naar toekomstige werkplekken, en helpen om die beter te maken. Ook dat is de maatschappelijke rol van een universiteit.

Verzamel, test en evalueer good practices. We weten dat grensoverschrijdend gedrag een complex probleem is dat niet in één twee drie is opgelost. Maar voortbouwend op het kennisaspect: universiteiten en hogescholen kunnen instrumenten en praktijken uitwerken, testen, helpen verbeteren en – in het kader van hun maatschappelijke rol – in samenwerking met de overheid zorgen dat ze ruim beschikbaar zijn, ook voor werkgevers uit andere sectoren.

Doe aan nazorg. Er is het slachtoffer in deze concrete zaak, we hopen dat de universiteit bijdraagt aan de zorg voor haar. Er zijn de collega’s en andere studenten op de faculteit in kwestie. Onderschat niet hoe kwetsbaar en bedrogen sommigen van hen zich nu voelen. Omdat ze in de periode voor deze man op non-actief werd gesteld, met zijn avances te maken kregen en zich nu acuut bewust zijn van de gevaarlijke positie waarin ze zich bevonden. Omdat ze terugdenken aan de keren dat ze grenzen stelden maar niet werden gehoord, en zich nu afvragen of ze niet luider hadden moeten roepen. Erken hen, en waardeer hun verhaal.

We weten dat er bij de instellingen een en ander beweegt. De KU Leuven werkt aan een nieuw actieplan. De leden van VLHORA en VLIR engageerden zich begin 2021 rond de uitvoering van het Charter grensoverschrijdend gedrag in het hoger onderwijs, en daar zijn evaluaties van gepland. Vertegenwoordigers van de studenten, de hogescholen en de universiteiten bereikten recent een akkoord over de verbetering van de bescherming tegen grensoverschrijdend gedrag in het hoger onderwijs. Er zou op centraal niveau een extern, onafhankelijk en laagdrempelig meldpunt komen, als aanvulling op bestaande interne meldpunten. Men lijkt oren te hebben naar de roep om een centrale registratie van alle meldingen bij elke instelling, en er wordt werk gemaakt van een goed kader voor vertrouwenspersonen voor studenten. Preventie ontbreekt opnieuw jammerlijk - ‘bescherming tegen’ is nog geen ‘actie tegen’             (https://www.benweyts.be/nieuws/betere-bescherming-tegen-grensoverschrijdend-gedrag-in-het-hoger-onderwijs).

Er zal echt in de diepte moeten worden gewerkt, op lange termijn en met inzet van veel middelen om het werkklimaat aan universiteiten en hogescholen ten gronde te veranderen. We hopen dat de 30 jaren die verstreken tussen die eerste campagne uit 1986 en de verkrachtingszaak uit 2016 gevolgd worden door een even lange periode van actief en hard werken aan instellingen voor hoger onderwijs waarin studenten en medewerkers vrij en veilig zijn, die geen centimeter ruimte laten aan grensoverschrijdend gedrag, die bijdragen aan een duurzame kennisopbouw en aan goede instrumenten, en die daarbij actief samenwerking zoeken met partners buiten de eigen muren.

Els Flour

Furia

Esohe Weyden, die op 11 november de 51ste Vrouwendag in goede banen zal leiden, viel in de prijzen voor haar debuut Tussentaal. De Antwerpse dichter, studente en presentatrice kreeg de publieksprijs voor Nederlandse literatuur van Fintro

Op 11 november zal Esohe onze Mistress of Ceremony zijn! Maar nadien op de standenmarkt kan je ook haar boek kopen bij De Groene Waterman en het laten signeren door Esohe. 

Zelf schrijft ze dit over haar eerste boek: 

"tussentaal

zij maakt van niets iets

want zij geeft door zinnen aan zinloosheid betekenis

blaast beweging waar het statisch is en warmte rond de ijzigheid"

In Tussentaal komt spoken word tot leven op papier. Esohe Weyden neemt je op ritmische wijze mee in haar grenzeloze twijfels, openhartige bekentenissen en dansende gedachtenspinsels. Poëzie die schreeuwt om te worden voorgedragen, maar ook smacht om te worden gelezen. Woorden waarop je wil walsen tot je er dronken en draaierig bij neervalt.

We wensen Esohe enorm te feliciteren met deze mooie prijs!

Pagina 1 van 15

SCHRIJF JE IN VOOR ONZE NIEUWSBRIEF

Na het invullen van dit formulier ontvangt u van ons nieuwsupdates en informatie over onze activiteiten zonder verdere verplichtingen. U kan zich steeds uitschrijven via een link onderaan elke e-mail die u van ons ontvangt.

FURIA OP FACEBOOK

               Vlaanderen verbeelding werkt vol zwart