Nieuws

Hoe onze regering een loopje neemt met gendergelijkheid

Datum: 08 maart 2017 Categorie: Netwerk
Hoe onze regering een loopje neemt met gendergelijkheid

 

8 maart. De vrouwenbeweging laat wereldwijd van zich horen. Ook in België met een vrouwenstaking, verschillende marsen tegen seksisme en tal van lezingen en debatten. Nochtans hebben onze regeringen de mond vol van “westerse” waarden als gelijkheid v/m. Ze verwijzen naar wetgeving, een ombudsdienst of instituut waar klacht kan worden ingediend bij discriminatie…  En in het regeerakkoord engageerde de federale regering zich zelfs expliciet om de verplichting na te komen om beleid te toetsen op mogelijke effecten op vrouwen en mannen. Maar in de praktijk blijken dit papieren tijgers zonder tanden. 

Neem nu het sociaal-economisch beleid en de ‘wet-Peeters’. Niet voor niets sloot de feministische en vrouwenbeweging zich aan bij het brede verzet tegen deze wet die niets meer dan een achteruitgang van sociale rechten betekent. De analyse van de genderimpact van de regelgeving in die ‘wet-Peeters’ beperkt zich doorgaans tot de vaststelling dat de maatregel “betrekking heeft op alle werknemers” - wat een correcte vaststelling is - en er dus “geen sprake is van een specifieke genderimpact” - wat een compleet foute gevolgtrekking is. Want hoe kunnen de berekening van de arbeidstijd op jaarbasis in functie van conjunctuur, een quotum vrijwillige overuren en een loopbaanspaarrekening genderneutraal zijn als vrouwen vandaag oververtegenwoordigd zijn in precaire arbeid en bij uitstek diegenen zijn die een stap terugzetten om voor hun naasten te zorgen? 

Structurele ongelijkheid 

Het is ondenkbaar dat de sociaal-economische hervormingsmaatregelen van de federale regering geen significante gevolgen zouden hebben voor de sowieso al structureel nadelige positie van vrouwen op de arbeidsmarkt. 45% van de vrouwen werkt deeltijds, en lang niet altijd vrijwillig. Dat heeft gevolgen voor hun lonen en hun pensioen, wat weerspiegeld wordt in een loonkloof van 20% en een nog grotere pensioenkloof van 23%. En achter die gemiddelden zit een nog grotere ongelijkheid tussen werknemers in het algemeen en ook tussen vrouwen onderling. Betaalbare kinderopvang ontbreekt voor 1 op 5 alleenstaande moeders, 2 op 3 kortgeschoolde jobs worden door vrouwen ingevuld, slechts 1 op 4 vrouwen met niet-EU-nationaliteit heeft een baan tegenover 6 op 10 Belgische vrouwen…

En ook elders schiet het sociaal-economische hervormingsbeleid tekort. Kijk naar de pensioenhervorming: uiteraard maakt het optrekken van de leeftijds- en loopbaanvereisten het voor vrouwen met onderbroken loopbanen nog moeilijker om hieraan te beantwoorden. Anderzijds wordt het voor vrouwen bijzonder nadelige mechanisme van omzetting van deeltijdse loopbanen in voltijdse jaren níet hervormd. Van twee maten en gewichten gesproken! Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat ongeveer 6 op 10 vrouwen moet rondkomen met een pensioen van minder dan 1000 euro.

Ook de hervormingen in de werkloosheid zijn problematisch. Kwetsbare vrouwen én kinderen worden in de armoede geduwd als de regering haar voornemen uitvoert om de aanvullende uitkering bij onvrijwillig deeltijds werk vanaf 2018 te halveren. Het gaat hier voor ruim drie kwart om veelal kortgeschoolde vrouwen. Ze werken vooral in sectoren zoals schoonmaak en distributie, waar vaak alleen deeltijdse jobs aangeboden worden omdat werkgevers flexibiliteit eisen. Het zijn niet de werkneemsters die hiervoor vragende partij zijn, en toch zullen zij afgestraft worden. 

De regering veegt haar voeten aan haar eigen wetten

Furia stelt vast dat een ernstige genderimpactanalyse van de regeringsmaatregelen structurele ongelijkheden aan het licht brengt. Furia stelt eveneens vast dat de regering die negeert omdat ze ervan uitgaat dat ze individuele werkneemsters en werknemers gelijke mogelijkheden biedt om “de eigen verantwoordelijkheid te nemen en geboden kansen te grijpen, ongeacht de ongelijke maatschappelijke uitgangsposities. Zolang dat het geval is, blijft een Vrouwendag ook in België broodnodig. 

Dit opiniestuk werd gepubliceerd in De Standaard op 8 maart 2017

 

 

 

 

 

SCHRIJF JE IN VOOR ONZE NIEUWSBRIEF

Blijf op de hoogte van onze acties en evenementen!